De kans dat een vijftigplusser aan een nieuwe baan geraakt is bijna nergens slechter dan in Vlaanderen. Enkel de Waalse, Brusselse en Sloveense werkloze 50-plussers hebben een lagere hertewerkstellingskans dan hun Vlaamse werkloze leeftijdgenoten. In de meeste andere landen is de hertewerkstellingskans minstens tweemaal zo hoog. In landen als Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk is dat zelfs zevenmaal zo hoog.
Dat blijkt uit cijfers van het Steunpunt WSA. Zo daalde het aandeel van de 50-plussers in het totaal van de indiensttredingen van 6,6% in 2007 naar 5,7% in 2009, en dit ondanks een onafgebroken stijging van het aandeel van 50-plussers in de beroepsactieve bevolking(van 17,6% in 2003 tot 22,7% in 2009). Anders geformuleerd: op onze arbeidsmarkt betekent werkloos worden op wat oudere leeftijd betekent veel vaker dan in andere lidstaten een definitieve uitval uit het arbeidsproces.
Volgens onderzoeker Luc Sels is er een dubbele verklaring voor de slechte cijfers. Werkgevers letten enerzijds niet genoeg op de positieve kanten van 50-plussers, zoals hun ervaring. De oudere werklozen zelf zien nog weinig redenen om echt naar een nieuwe baan te zoeken.
Bron:zita.be




